Meer deelnemers, meer testen
Guido Out, solution architect bij het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL), was bij de Connectathon in Brussel aanwezig als monitor. Waarom heeft hij zich voor die rol aangemeld en wat viel hem op?
Het was voor Guido de tweede keer dat hij als monitor aanwezig was op de Connectathon, nadat hij in Rennes (2023) die rol ook al een keer op zich had genomen. “Het viel me op dat de Connectathon veel groter is geworden; meer deelnemers, meer testen. Waar ik in Rennes aan het begin van de week niet zoveel te doen had, was ik nu in Brussel de hele week druk.”
Guido heeft met het team van circa veertig monitors in totaal meer dan 2000 tests vanuit 68 systemen kunnen valideren. Deze systemen zullen nu in de praktijk meer waarde toevoegen voor de zorgverleners die ermee gaan werken.
Dat er zoveel tests op het programma stonden, had overigens voor hem persoonlijk ook een nadeel, vertelt Guido. “Ik was van 9 uur ’s ochtends tot half zes ’s avonds druk bezet en had daardoor minder tijd voor informeel contact. In Rennes kon ik tussendoor nog wat rondkijken bij leveranciers. Dat was er dit jaar niet bij”, lacht hij. Gelukkig was er buiten werktijd wel genoeg ruimte om bij te praten met leveranciers en collega monitors bij het IHE NL diner, het social event, of gewoon aan de ontbijttafel in het hotel.
Profiel doorgronden
Gelukkig was er wel tijd om tussendoor met andere monitors te sparren. “Ik heb hele leuke discussies gehad, bijvoorbeeld over specifieke woorden in profielen die door leveranciers verschillend werden geïnterpreteerd. Dan moet je echt naar de kern teruggaan en de documentatie doorspitten om tot een eenduidig antwoord te komen. Dat is fijn voor de leverancier, maar voor mij ook heel leerzaam omdat je echt een profiel doorgrondt.”
Hij noemt als voorbeeld de ‘Exact Match’, die door één leverancier werd gebruikt om een set te beperken als dit werd aangevinkt, terwijl een andere leverancier het juist gebruikte om een set groter te maken als deze variabele ‘uit’ werd gezet. Dit klinkt als een klein verschil maar hierdoor was het eindresultaat bij de twee leveranciers niet hetzelfde.
Zorgverlener centraal
Guido investeert tijd in IHE omdat hij graag zijn steentje bijdraagt aan het verbeteren van de databeschikbaarheid. “Wij verzamelen als IKNL data over kanker uit verschillende bronnen, om zo te komen tot nieuwe inzichten die bijdragen aan betere zorg voor mensen met kanker en hun naasten. We zijn dus een gebruiker van secundaire data. We zijn afhankelijk van de kwaliteit en beschikbaarheid van zorginformatie uit het primaire proces. Daarnaast is een rol als monitor een mooie kans om in contact te komen met leveranciers en te horen hoe zij met standaardisatie en interoperabiliteit omgaan.”
Het viel hem tijdens de Connectathon op dat leveranciers met hun tijd meegaan en steeds vaker HL7 FHIR gebruiken. “Dit maakt het testen een stuk makkelijker, omdat FHIR moderner, leesbaarder en makkelijker te valideren is”, zegt Guido.
Ook merkte hij dat sommige leveranciers op bepaalde punten proberen om alleen aan de minimale eisen van het profiel en de tests te voldoen en optionele tests overslaan. “Wij zijn als monitors juist bezig om zo veel mogelijk resultaat te behalen. We zien het liefst zoveel mogelijk bewijs, en dus verschillende varianten van de uitwisseling. Daarin voelde ik me ook een vertegenwoordiger van de eindgebruikers. Ik geloof best dat de juiste code goed heen en weer gestuurd kan worden, maar laat mij vooral zien wat een systeem voor een zorgverlener kan doen!”